Ontstaan borstkanker en oestrogeen

Borstkanker ontstaat door een hormonale disbalans in de borst. Bij te dikke vrouwen, maar bijvoorbeeld ook bij vrouwen die hun borsten niet gebruiken voor borstvoeding, is de kans daarop groter.
Het hormoon oestrogeen, dat normaal de ontwikkeling van de borst stimuleert, is bij hen overactief, waardoor er kankercellen kunnen ontstaan. Als die zich ongecontroleerd gaan vermenigvuldigen vormt zich een tumor in de borstklier (een mammacarcinoom).
Het gezwel is eerst klein, maar wordt in de loop der tijd groter.

Zelfonderzoek (borstzelfonderzoek KWF) is cruciaal in het vroegtijdig ontdekken van borstkanker. Hoe sneller de vrouw zelf een knobbeltje ontdekt, hoe groter de kans is op een succesvolle behandeling. Vrouwen tussen de 49 en 75 jaar krijgen automatisch eens in de twee jaar een oproep voor een borstonderzoek.

Als de huisarts iets vermoedt zal hij/zij je doorverwijzen naar een specialist, die een mammogram (röntgenfoto van de borst) zal maken met aanvullend een microscopisch onderzoek van een biopsie (stukje weefsel).
Als blijkt dat het een kwaadaardig gezwel betreft zal het operatief worden verwijderd. Ook hormoon- of chemotherapie behoren tot de mogelijkheden.

Maar liefst 1 op de 9 vrouwen wordt door borstkanker getroffen. Naar schatting zijn er ruim 100.000 vrouwen in Nederland die met borstkanker te maken hebben gehad. Jaarlijks overlijden ruim 3400 vrouwen aan de ziekte. Borstkanker is daarmee de kanker met het grootste aantal dodelijke vrouwelijke slachtoffers.

Borstkanker komt ook bij mannen voor, maar veel minder vaak. Jaarlijks krijgen in ons land ongeveer 65 mannen borstkanker. Dat kan met een erfelijke aanleg te maken hebben.


Borstkanker en overgang

Een onderzoek van het Fred Hutchinson Cancer Research Center in Seattle turfde bij ruim 1400 vrouwen met en zonder borstkanker het aantal opvliegers. Daarnaast legde men een relatie met hun kans op borstkanker. Het bleek dat de vrouwen die borstkanker hadden veel minder opvliegers en andere overgangsklachten kregen. Bij vrouwen van 50 jaar is de kans op borstkanker gemiddeld 2 procent, in de overgang vermindert die kans tot de helft