Delen wordt gewaardeerd!
Nachtrust: Nederlanders en slaap

Nederlanders en hun nachtrust, wij slapen gemiddeld genomen 7 uur en 20 minuten. Jan Modaal gaat om half twaalf naar bed, slaapt 10 minuten later in en staat om zeven uur weer op. Dat is opvallend weinig nachtrust, en vooral veel minder nachtrust dan enkele decennia geleden. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit Utrecht naar Nederlanders en hun nachtrust.


Ook uit buitenlands onderzoek naar nachtrust blijkt dat mensen in de afgelopen veertig jaar per nacht maar liefst een compleet uur minder zijn gaan slapen. In tien jaar tijd nam bijvoorbeeld ook de hoeveelheid slaap van studenten al af met gemiddeld een half uur minder nachtrust.


Geschat wordt dat mensen zo'n 90 procent slapen van wat ze zouden moeten (per nacht zeven uur en een kwartier in plaats van acht uur).


Uit een ander onderzoek naar nachtrust is gebleken dat slecht slapen niet goed is voor de gezondheid. De kans op het krijgen van hart- en vaatziekten wordt hoger en de stofwisseling en de eetlust verandert. Ook is al eerder onderzocht en gebleken dat op tijd naar bed gaan en voldoende slaap het risico op overgewicht verkleint.


Mensen slapen sneller in, dieper en langer met een warme huid. Als de huid warm is geeft deze een signaal naar de hersenen dat slaap bevordert. Omgekeerd geeft een koele huid signalen om het wakker zijn en alertheid te bevorderen.


Slapen en overgewicht

Slaapgebrek speelt een rol bij overgewicht. Weinig slaap is een indirecte dikmaker: kortere nachten gaan gepaard met langere dagen en dus meer tijd om te eten. We hebben dan ook meer trek in vet. En wie moe is, heeft minder zin om te bewegen of te sporten en verbrandt die dag minder calorieŰn.

Kinderen die twee uur minder slapen dan gemiddeld, lopen zelfs dubbel zoveel risico op overgewicht als kinderen met een normaal slaappatroon.


Nachtrust: De ene slaper is de andere niet

Naar schatting hebben zowat een op drie mensen te kampen met slaapproblemen. Meestal zijn die slaapproblemen van tijdelijke aard en is minder nachtrust een gevolg van een of andere bijzondere gebeurtenis. Maar soms kunnen slaapproblemen wijzen op een ernstiger probleem.


Laat ons beginnen met het ontkrachten van de mythe dat iedereen 8 uren slaap nodig heeft om te kunnen spreken van een goede nachtrust. Niets is minder waar. Slaaponderzoek heeft uitgewezen dat de slaapbehoefte verschilt van persoon tot persoon en schommelt tussen vier en elf uren per nacht.


Ongeveer 10% van de bevolking heeft genoeg aan gemiddeld 6,5 uur slaap per nacht en zowat 15% heeft meer dan 9 uren nachtrust nodig.


Kinderen hebben meestal iets meer slaap nodig, terwijl bejaarden het doorgaans met iets minder nachtrust kunnen stellen.

Ook geografische factoren kunnen een rol spelen bij de nachtrust. Zo slaapt men normaal iets langer in de bergen en heeft men minder nachtrust aan zee.


Nachtrust: Onschuldig slaapgebrek

Iedereen heeft wel eens last om in slaap te raken of slaapt wel eens minder goed of heeft ‘s morgens last om uit bed te komen.
Dikwijls heeft slaapgebrek te maken met een ongewone of pijnlijke gebeurtenis overdag - een overlijden, een ruzie, een tegenslag of een blijde gebeurtenis - met een bijzonder stresserende bezigheid of gewoon omdat er letterlijk iets op de maag is blijven liggen na een te zware maaltijd voor het slapengaan, of omgekeerd omdat men met een lege maag naar bed gaat.


Sommige vrouwen slapen elke maand rond hun menstruaties iets minder goed. En ook na een lange vliegtuigreis waardoor onze biologische klok verstoord is, kunnen tijdelijk slaapproblemen optreden.


Meestal verdwijnen dit soort slaapproblemen na een paar dagen spontaan als de aanleiding is verdwenen of vergeten, en hoeft men zich daarover geen zorgen te maken. Integendeel zelfs, wie zich teveel zorgen maakt en zich opwindt over dat slaapprobleem, riskeert de zaken alleen maar erger te maken.


Men spreekt pas van slapeloosheid wanneer iemand zonder duidelijke reden dagenlang (meer dan 3 weken) last heeft om in slaap te raken of ‘s nachts geregeld wakker wordt, én wanneer dit ook overdag zijn weerslag heeft (men voelt zich moe en geprikkeld, concentratieproblemen, eventueel hoofdpijn, enz.).


In dergelijke gevallen is het aangewezen om een arts te raadplegen, en kan het eventueel nodig zijn om een onderzoek te laten doen in een gespecialiseerd slaaplaboratorium.


Ontspanningstechnieken

ontspanningstechnieken, zoals meditatie en yoga, om te ontstressen. Uit onderzoek blijkt dat door dagelijkse yoga-oefeningen de slaapkwaliteit, de totale slaapduur en totale waakduur verbeterden bij mensen met chronische slapeloosheid.


Daarnaast kan sport ook de ontspanning bevorderen. Dit komt doordat sport de kerntemperatuur van het lichaam verhoogt waardoor men beter inslaapt en doorslaapt. Gebleken is dat aerobe duurtraining met een matige intensiteit de onrust voor het slapengaan vermindert en de slaap verbeterde bij mensen met chronische slapeloosheid.


Sport echter niet vlak voor het slapengaan.


Verlaag het risico op hart- en vaatziekten

Bewegen, gezond eten, gematigd alcohol gebruiken en niet roken leveren grotere voordelen op het gebied van hart- en vaatziekten als je daarbij ook nog eens een goede en gezonde nachtrust hebt. \ Volgens onderzoek van het RVIM blijkt een combinatie van de vier gezonde gedragingen het risico op hart- en vaatziekten te verlagen met 57 procent en de kans op een fatale hartaandoening verkleint met 67 procent. Als je dan ook nog eens voldoende slaapt dan zijn de risico's respectievelijk 65 en 83 procent lager.

Een korte nachtrust geeft meer problemen met overgewicht, obesitas, een hoge bloeddruk en verhoogd cholesterol.





Onderwerpen:

Gezond ouder worden en duurzame voeding gaan hand in hand.
Voedingsonderwerp:


probeer deze gezonde maaltijden eensGezonde maaltijd